Recept: Witlofsalade met avocado en tonijn

Het komt niet zo heel vaak meer voor dat ik een blikje tonijn in de kast heb staan. Laatst kon ik het echter niet meer weerstaan en besloot toch weer eens een blikje te kopen. De reden dat ik het laat staan, is dat het me niet zo duurzaam lijkt om tonijn in blik te kopen. En misschien was ik er ook wel wat op uitgekeken ondertussen. Gisterochtend moest ik voor onderweg even snel een salade maken. Een snelle blik in de keukenkasten en koelkast leverde het volgende overheerlijke resultaat op!

Ingrediënten (lunchsalade voor 2):

1 avocado
1 appel
1 handje pijnboompitten
2 stronken witlof
1 blikje tonijn in olie
olijfolie
zout en peper uit de molen
citroensap

Bak de pijnboompitten in een koekepan (zonder olie of boter), tot ze een beetje gekleurd zijn.

Maak ondertussen de witlof schoon (verwijder eventueel kapotte bladeren en het hart) en snijd in kleine stukjes. Eventueel kun je de witlof even spoelen onder koud water. Snijd de appel en avocado in kleine stukjes. Als je niet wilt dat deze ingrediënten snel bruin worden, besprenkel ze dan met wat citroensap.

Maak de tonijn wat kleiner (is niet altijd nodig) en meng alle ingrediënten door elkaar. Maak af met wat zout en peper en eventueel wat olijfolie.

 

Advertisements

Lekker Hollands in de lente!

Je kunt er momenteel niet meer omheen. Het is weer tijd voor asperges! En ik ben er dol op. Nog maar een paar jaar geleden ontdekte ik dat ik mezelf jarenlang een heerlijke maaltijd heb ontzegd. Want wat zijn ze lekker. Ik eet ze het liefst zo simpel mogelijk, gekookt met een eitje en botersaus. Jammer dat het seizoen zo kort is, want ik wil ze wel elke dag eten!

Verder in het seizoen op dit moment zijn natuurlijk de eerste aardbeien. Nog lang niet allemaal even zoet, maar het blijft een traktatie als ze er weer zijn! Je kunt ze gewoon zo uit het vuistje eten, gebruiken in een vruchtensapje of smoothie, of in een salade met geitenkaas en groene asperges. Aardbeien zijn fantastisch om mee te experimenteren en te gebruiken in hartige en zoete combinaties.

RabarberEen minder bekende is wellicht rabarber, maar ook deze mag dit seizoen niet op je menu ontbreken. Lekker als rabarbermoes (eventueel aangevuld met aardbeien) of om ijs mee te maken. Ook voor rabarber is het seizoen kort, dus snel even genieten van deze lekkere lente-groente. Klik hier voor meer verhalen over rabarber.

Ook in het seizoen is spinazie, een heerlijke groente om salades mee te maken of soepen. Maar ook lekker als bijgerecht (bijvoorbeeld roergebakken met wat knoflook en verse basilicum en op het laatst wat pijnboompitten toevoegen).

Verder zijn groenten als rode bieten, witlof en bloemkool nog steeds in het seizoen en ook daarmee kun je heerlijk variëren.

Wanneer je kiest voor groenten van eigen bodem en het seizoen, hebben ze de meeste smaak en hoef je er weinig aan toe te voegen om er ultiem van te genieten!

Witlof – wat kun je er mee?

Witlof is een veelzijdige groente, waar je lekker mee kunt experimenteren. Je kunt het warm of koud eten, als salade of in de pasta. Witlof is heerlijk met kaas en noten, vooral de wat sterkere kaassoorten combineren geweldig met de soms wat bittere smaak van de witlof.

Witlof is ontdekt in België, zo’n 150 tot 200 jaar geleden. Het groeit in het donker is hierdoor het hele jaar verkrijgbaar.

Veel kinderen houden niet van witlof, omdat het

nogal bitter smaakt. Zelf at ik het ook niet, toen ik nog klein was, maar nu vind ik het een van de meest lekkere groenten om mee te experimenteren en nieuwe recepten te bedenken.

In mijn kookboek vind je een groot aantal recepten met witlof.

 

 

 

Wat eten we vandaag?

Vroeger liep ik bijna dagelijks de keuken in en vroeg ik mijn moeder wat we die avond zouden eten. Vaak rook ik de geur van pannenkoeken, terwijl we dan heel vaak iets gingen eten wat ik eigenlijk niet lekker vond. Vroeger lustte ik niets. De meeste groenten at ik niet en als mijn moeder iets maakte als witlof of asperges of iets anders wat ik niet lustte, dan kreeg ik wortelsla. Dat ik een tijd lang geen wortel wilde eten vind ik zelf dan ook niet zo vreemd…

Tegenwoordig eet ik alle groenten, zelfs wortels en witlof eet ik met veel plezier. Gister aten we een stamppot van witlof, aardappelpuree met dille (een restje van de dag ervoor), pruimen en geraspte kaas, gegratineerd in de oven. De aardappeldillepuree had ik gemaakt bij de brocolli en de kippedijtjes (1,5 uur gemarineerd in een dressing van olijfolie, citroensap, verse peterselie, verse groene peper en knoflook, thanks voor de inspiratie Ronald).

Vandaag aten we tortilla’s bij de lunch met een vulling van gebakken rode ui, wortel, tomaat en verse peterselie. De tortilla’s even licht gebakken, insmeren met roomkaas, daaroverheen geraspte kaas en dan de vulling. Een heerlijke lunch!

‘s Avonds was mijn inspiratie een beetje op en werd het hartige taart zonder deeg met witte kool en een salade van witte kool, feta en wederom wortel, met mijn honingmosterdtijmdressing.

Mijn moeder had vroeger altijd een lijstje waarop ze per dag op schreef wat we gingen eten. Mijn eten zo plannen dat lukt mij nooit. Ik ga een winkel in, koop ingrediënten en als ik ga koken, kijk ik wat er is, bekijk wat er direct gebruikt moet worden en ga aan de slag. Vooral na een dag hard werken op de werf (we moeten de boten winterklaar maken), is dit een heerlijk lichtpuntje!